Nog
tot aan de Tweede Wereldoorlog telde onze gemeente heel wat grint en zandwegen,
die bij aanhoudend droog weer voor het nodige stof konden zorgen. Om dit euvel
te bestrijden reed op gezette tijden een sproeiauto door het dorp, die met fraaie
halfronde waterbogen het stof, zij het slechts voor enkele uren, wist te beteugelen.
In
de beruchte dertiger jaren werd ook deze tak van de Dienst Gemeentewerken het
slachtoffer van de bezuinigingswoede. Zo kwam tijdens de raadsvergadering van
vrijdag 29 juni 1934 een adres van de Lunterse WVVV ter sprake, waarin verzocht
werd meer aandacht te schenken aan , het stofvrij houden van de wegen. Voor de
"Parel van de Veluwe" betekende het allerminst reclame, dat de talrijke
pensiongasten tijdens de al weken durende droogte door hinderlijke stofwolken
werden geplaagd, terwijl bovendien de gezondheid van alle dorpelingen gevaar liep.
In
hun pre-advies wilden B en W niet op het verzoek in gaan. In de zomer zou in de
gehele gemeente met worden gesproeid.
Op de begroting van dat jaar was er dan
ook geen geld voor uitgetrokken. Ede was bovendien een noodlijdende gemeente en
elke extra uitgaaf moest tevoren eerst in Den Haag worden aangevraagd.
En
voor de Heren in Den Haag daar een beslissing nemen, is de zomer al lang voorbij
besloot burgemeester Creutz zijn betoog in de raad. De heer Oostwaard meende
echter , dat ook dat jaar voor sproeiwerkzaamheden door de Edese Waterleiding
Maatschappij (destijds nog een particuliere onderneming) gratis tienduizend liter
water ter beschikking was gesteld van de chauffeur voor onze rekening", De
heer Van Silfhout kwam met een geheel nieuw gezichtspunt. Water sproeien brengt
slechts tijdelijk baat. Derhalve had hij persoonlijk een stuk weg met afgewerkte
motorolie besprenkeld en wel met verbluffend resultaat. Sindsdien was er ter plekke
geen sprake meer van stof en omdat genoemd produkt
ook al in 1934 gratis verkrijgbaar
was, vond het raadslid het wenselijk a]s van gemeentewege met deze proefnemingen
werd doorgegaan.
De wethouder: "Het blijft geld kosten, dat er niet
is", Een en ander bracht weer een ander raadslid, de heer Groeneveld op een
lumineus idee. Maak de adressen, waar de olie verkrijgbaar is, aan den volke
bekend, dan kan een ieder, die over stof klaagt, een emmer vol halen en zelf de
handen uit de mouwen steken .
Niet gek bedacht, maar burgemeester Creutz nam
de suggestie niet serieus. Als uiterste wilde hij wel de toezegging doen de plaatselijke
gemeentewerkman opdracht te geven het weggedeelte voor het huis van een ernstig
zieke stofvrij te houden. Uiteindelijk werd het advies van B en W zonder hoofdelijke
stemming aangenomen en bleven de wegen, ook in Lunteren, gedurende de gehele zomer
van 1934 droog en stoffig.
H. J. Nijenhuis

