Vliegen in Ede ( 3)

In zeer korte tijd werd vliegen populair, elke stad van betekenis wilde deze onverschrokken aviateurs in actie
zien. Zo zouden in Arnhem van 28 tot 31 augustus grote demonstraties worden gegeven nabij het landgoed
Wamsborn. De avond daarvoor staan de deelnemende vliegtuigen al op het terrein opgesteld, bewonderd door talrijke nieuwsgierigen. Het weer is prachtig, windstil, reden waarom Van Maasdijk besluit de aanwezigen vast een voorproefje te geven van wat de komende dagen te wachten staat.

Hij stijgt op en beschrijft ongeveer vijftig meter boog een fraaie cirkel. Plotseling echter begint het toestel te schommelen, om even later loodrecht naar beneden te storten. Met de een enorme klap slaat het vliegtuig tegen de grond, de vlieger komt onder de motor terecht en is op slag dood.
Grote ontsteltenis en verslagenheid bij bet aanwezige publiek, dat getuige was van bet trieste einde van een jonge Nederlandse vlieger.

Paddock
Maar nu weer terug naar Ede, daar werd hard gewerkt aan de entourage van het vliegveld en het maken van een startbaan.
Deze baan vormde een onregelmatige vierhoek van behoorlijke afmetingen. De binnenomtrek bedroeg ongeveer vijf kilometer, terwijl de baan gemiddeld tweehonderd meter breed was en afgebakend was met wit geschilderde korven. Het middenterrein, dat heel deftig "paddock' werd genoemd, was uiteraard tegen betaling voor iedereen toegankelijk. Men had vandaar een prachtig gezicht op de voorbereidselen van de start en landing. Meerdere vliegtuigen werden aangevoerd, tegen het najaar was men gereed om het de grote publiek te ontvangen.

Wonderen
En dat kwam. Reeds na de geslaagde vlucht van Hilgers was het vliegveld in de belangstelling gekomen, maar het hoogtepunt vormden de demonstraties die van 9 tot 21 november 1910 werden gehouden, waarbij wind en weder dienende elke dag werd gevlogen.
Het programma vermeldde de namen van de beste vliegers uit die tijd, zoals Kroller, Koolhoven, Wijnmalen en vele anderen.
Van heinde en ver kwamen de mensen naar de Doesburgerheide om dit spektakel mee te maken. Enkele dagen was de belangstelling zo groot, dat militairen moesten aanrukken om de drommen kijkers op veilige afstand te houden. Men was overtuigd complete wonderen te beleven: hoe bestond het zo'n gevaarte, met nog het wicht van de vlieger er bij, zo maar de lucht in ging?

Looping the loop.
In de jaren die volgden, kregen de vliegeniers geleidelijk meer ervaring, bleven langer in de lucht en probeerden kunst.
stukjes uit te halen. Een absoluut hoogtepunt daarvan vormde "the looping the loop" om de Engelse uitdrukking te gebruiken waarbij de vlieger in een verticaal vlak een cirkel beschrijft. Dit staaltje werd door luitenant F. A. van Heyst begin Juli 1917 op het Edese vliegveld uitgevoerd. De vlieger steeg snel tot duizend meter hoogte, zette het toestel op zijn staart, duikelde achterover met een fraaie boog, kwam even in normale vliegstand, om vervolgens deze manoeuvre nog driemaal te herhalen en even later vlot te landen. Het talrijke publiek bracht de vliegenier een oorverdovende ovatie, zoiets had nog nooit iemand meegemaakt.

De duivel
Ja, in die jaren was er wat te beleven op de Doesburgerheide, al waren niet alle Edenaren het daarmee eens. Vooral oudere mensen schudden bedenkelijk het hoofd. Dat kon nooit goed gaan, het was de duivel verzoeken. Het luchtruim was voor de vogels geschapen, daar had de mens niets te maken. Allerlei narigheden werden voorspeld, het kon niet anders of nu zou spoedig de wereld vergaan.
Het vliegveld bracht voor verschillende Edenaren, nadat de hangars en opstallen gereed waren, ook nog werk. Er werden hier namelijk ook vliegtuigen gebouwd, de vitale onderdelen werden in kisten aangevoed en door monteurs in elkaar gezet.
Voor de romp en vleugels werd veel met hout en triplex gewerkt, waarvoor Edese timmerlieden in dienst werden genomen.
Om een paar van hen te noemen: Verschuur , Rombout en Van Wijhe, de vader van de later zo bekende Lord. In het dorp kregen zij al gauw de naam "vliegtuigmakers", Niet alleen in de hangars, maar ook in "Brouwershoeve" centrum dorp dus werden toestellen vervaardigd en als er brokken gemaakt waren, wat nogal eens voorkwam, gerepareerd. Als een vliegtuig gereed was, werd het door Stalhouder Schimmel naar de plaats van bestemming gebracht. De vleugels werden opgeklapt, een paard voor de romp gespannen en met een PK ging het, vaak begeleid door de opgeschoten jeugd, naar de
hangars.


Wordt vervolgd

H. J. Nijenhuis