De
betiteling "meester" doet het thans niet meer, maar voor mij staat de
man waaraan we ditmaal een paar regels willen wijden, als "meester Jansen"
in het geheugen gegrift. Hij gold in onze schooljaren als de beste en aardigste
meester van de Paasbergschool, waar hij 1 juni 1909 nog geen negentien jaar oud,
als zodanig werd benoemd.
Zijn klas was de zesde, om dat te bereiken beschikte
hij, naast zijn natuurlijke aanleg om met kinderen om te gaan, ook nog over
een geheim wapen. Meester Jansen kon namelijk vertellen als geen ander en als
de klas voorbeeldig had gewerkt, besloot hij de dag met een spannend verhaal over
de meest uiteenlopende onderwerpen waarbij wij aan zijn lippen hingen.
Diezelfde
meester Jansen bezat overigens veel meer kwaliteiten die pas goed tot hun recht
kwamen na zijn aanstelling tot leraar per 1 november 1925 bij de christelijke
ULO school aan de Beukenlaan. Deze school bestond toen nog slechts enkele jaren,
11 september 1922 werd in Ede de vereniging tot stichting en instandhouding van
de christelijke school voor uitgebreid lager onderwijs opgericht.
Het
eerste bestuur, samengesteld uit leden van de hervormde en gereformeerde gemeente,
bestond uit de heren: ds. A. j. van Boven, voorzitter; G. H. Dulfer, secretaris;
c. van de Pol, penningmeester; P. de Nooy, algemeen adjunct; G. Soetendaal en
W. van Voorthuizen.
Men ging voortvarend te werk: reeds een jaar later, 20
september 1923, werd in een gloednieuw gebouw aan de Beukenlaan de school geopend.
Er waren drie lokalen, de hele opleiding duurde destijds slechts drie jaar, met
daarbij een grotere ruimte voor gemeenschappelijke bijeenkomsten. De school begon
met eenenvijftig leerlingen die werden toevertrouwd aan drie leerkrachten: de
heer J. Veenstra als hoofd, bijgestaan door de heren Ader en Bootsma.
De eerste
jaren bleken moeilijk: de samenwerking tussen de drie onderwijzers liet te wensen
over met het gevolg dat de twee laatstgenoemden al spoedig naar elders vertrokken.
Zij werden opgevolgd door de heren Plaisier en Jansen en vooral deze laatste zou
zijn stempel op de school drukken. In 1928 ging de heer Veenstra met. vervroegd
pensioen en werd Jansen tot hoofd benoemd. Men had geen betere keus kunnen doen,
deze bescheiden man, met zijn nuchtere kijk op alle mogelijke zaken, hield
de leiding strak in handen. Zelfs de grootste belhamels kregen respect voor zijn
resoluut optreden en liepen voortaan in het gareel.
De
school kreeg een goede naam, per 1 januari 1939 waren er al honderd tweeëntachtig
leerlingen en zeven leerkrachten.
Door het bombardement op Ede, 17 november
1944, werd de school geheel verwoest. Na de bevrijding gingen de lessen in diverse
onderkomens zo goed mogelijk door tot een geheel nieuw en aanmerkelijk ruimer
gebouw in gebruik kon worden genomen.
Op 1 september 1955 ging de Heer G.
Jansen met pensioen en kon op een uitstekende staat van dienst terugzien. Het
officiële afscheid werd reeds voor de zomer vakantie, 12 juli, gehouden met
een druk bezochte receptie waarbij het scheidend hoofd, als kroon op zijn werk,
werd benoemd tot ridder in de orde van Oranje Nassau. Helaas mocht de heer
Jansen niet lang van zijn pensioen genieten; hij overleed 24 mei 1958 maar zijn
naam zal onverbrekelijk aan deze school, zij het thans 'Bospoortmavo' verbonden
blijven.
H. J. Nijenhuis