Op
maandagavond 11 mei 1959 werd in "Buitenlust" een vergadering belegd,
waar de drie destijds bestaande winkeliersverenigingen, t.w. "Handel
en Industrie", de Chr. en Kath. middenstandsver ., zich wilde verenigen tot
één grote Edese organisatie met louter alleen zakelijke belangen.
Weliswaar bestond er al ruim twintig jaar een goed functionerende "contactcommissie",
die het onderlinge verband tussen de drie groepen regelde, maar die zou dan worden
opgeheven. Voor de aardigheid de namen van deze bemiddelaars, vroeger bekende
Edenaren, in hun laatste samenstelling. Als voorzitter fungeerde de heer J. J.
v. Egmond, bijgestaan door de heren: Pijpers, ten Ham, Brands, Paap, Pieters,
Van Raalte en Jager .

Na
deze voorbereidende bijeenkomst werden op maandagavond 29 juni 1959 in "het
Hof van Gelderland" spijkers met koppen geslagen. De verlangde nieuwe organisatie
kwam, onder de naam "Edese Winkeliers Vereniging", zij het dat de
drie genoemde groepen niet werden opgeheven, maar bleven op de oude voet doorwerken,
onder supervisie van de EWV. Het eerste bestuur werd als volgt samengesteld: E.
J. Roelofsen, voorz.; v. Dijk, 2e voorz.; Wien, secr. Wieringa. 2e secr.: Pluim,
penningm.: Veenendaal, 2e penningm. en de leden v. 't Hof, Sloof en OH. De contributie
werd vastgesteld op vijftien gulden per jaar met een extra bijdrage van twee gulden
voor elk personeelslid.
Zakenmensen met eigen werkplaatsen maakten tegen deze
laatste bepaling echter bezwaar, zodat men besloot deze heffing alleen voor
winkelpersoneel te laten gelden. Nog datzelfde jaar startte de EWV met haar activiteiten,
die zich steeds verder ontplooiden, tot tevredenheid van de Edese zakenwereld.
In maart 1966 ontstonden er echter ernstige moeilijkheden. Aanleiding was een
schrijven waarin werd gevraagd advies te geven inzake de plannen om de winkelsluiting
van de woensdagmiddag naar de maandagmorgen te verplaatsen. De meningen van de
leden bleken zeer verdeeld: textielhandelaren toonden zich direct voorstanders.
Door de vele manufacturen kwamen op de wekelijkse maandagmarkt, kwamen er die
ochtend toch vrijweg geen kopers.
Bakkers en groentehandelaren meenden, dat
juist dan, na het weekend, hun winkels voor de huisvrouw onmisbaar waren. Bovendien
was de woensdagmiddag bij het publiek ingeburgerd, zodat het onzin was om dat
te veranderen. Men kwam er niet uit,ieder handhaafde zijn eigen standpunt. Het
bestuur van de EWV zag er ook geen gat meer in; acht leden gaven de pijp aan
Maarten en traden af; alleen de heer Wien bleef op zijn post.
De crisis duurde
gelukkig niet al te lang, reeds 2 april 1966 kwam er een nieuwe ploeg op de proppen
met de heer D. de Nooy als voorzitter en de volgende leden: J. H. v.d. Brink,
A. Busser, G. R. Heij, F.J. v.d. Horst, D. Pijpers, E. Robbers, H. M. Taxe
en H. Willems. Dit bestuur toonde zich uitermate voortvarend; er werd met de gemeente
onderhandeld over de gewraakte winkelsluiting, adressen werden, met min of meer
succes, ingediend omtrent de vaak onduidelijke wegwijzersborden, de wateroverlast
in het dorp, veroorzaakt door hevige regenval, vaak een aanzienlijke strop voor
verschillende winkeliers en tal van andere zaken. Ook stond het bestuur vierkant
achter het winkelplan dat Centrum Service Ede, onder leiding van voorzitter H.
Zomerhuis, in oktober 1966 lanceerde. Men wilde van Grotestraat en Maandereind
een aaneen gesloten overdekt winkelcentrum maken door het aanbrengen van drie
meter brede luifels. De firma Storebest had bereids de nodige ontwerptekeningen
gemaakt en de totale kosten van het project op f 580.000,- becijferd.
Het is
nooit zover gekomen al hebben geleidelijk wel verschillende zaken, op eigen kosten,
er voor gezorgd dat men ook bij regen, rustig hun etalage's kan bekijken.
Ook
de jaarlijkse akties rond de St. Nicolaas tijd betekenden drukke dagen voor de
EWV, in 1966 voor de eerste maal verzorgd door het nieuwe bestuur. Ditmaal werden
kaarten uitgereikt, waarop nummers, verstrekt bij het inkopen doen, in een
bepaalde combinatie geplakt moesten worden. Dat lukte bij ongeveer tweehonderd
veertig mensen, die elk twee toegangsbewijzen ontvingen om de slotavond in Reehorst
bij te wonen en waar tevens drie prijswinnaars uit de bus moesten komen. Helaas
was de datum, woensdagavond 14 december 1966, slecht gekozen daar op hetzelfde
tijdstip de cupwedstrijd Liverpool -Ajax werd uitgezonden en vooral heel wat mannen
het lieten afweten. Maar ook met
overwegend dames in de zaal ging de voorstelling
door. Tussen het optreden van verschillende artiesten, werden, door middel van
vertoonde dia's, meer of minder bekende plekjes uit ons land op het scherm gebracht.
De tweehonderd veertig deelnemers hadden tot taak deze te herkennen en op te
schrijven waarbij de meeste goede antwoorden de beslissing brachten.
De eerste
prijs, lang niet mis, een auto Simca 100, werd gewonnen door mevr. v. Starrenburg-lisman,een
wasautomaat ging naar de heer. T. Veltman, terwijl een koelkast ten deel viel
aan mej.H. Prangsma. Deze nam weliswaar haar prijs dankbaar in ontvangst, maar
verklaarde, onder grote hilariteit, dat men op de boerderij Mossel, waar zij woonde,
nog niet over stroom beschikte.
De volgende intocht van St. Nicolaas,
zaterdag 25 november 1967, werd een sensatie. De EWV had van circus Boltini de
beschikking gekregen over vier olifanten en twee kamelen voor de tocht van de
goed heilig man door het dorp.
Een enorme mensenmassa was op de been, vooral
de jeugd toonde zich enthousiast over de dikhuiden, die alsmaar met hun slurf
links en rechts zwaaiden om zoveel mogelijk pepernoten op te vangen. St. Nicolaas
zelf zal deze manier van rijden minder op prijs gesteld hebben. Hij had alle
moeite, hoog op de brede rug gezeten, zijn evenwicht te bewaren en geen moment
tijd om naar de kinderen te zwaaien.
Geen wonder dat de man een zucht van verlichting
slaakte, toen het einde van de tocht "hotel Buitenzorg" was bereikt.
Toch
was lang niet iedereen tevreden over deze intocht: een echte St. Nicolaas hoort
op een schimmel, een oeroude traditie, die op zaterdag 16 november 1968 weer in
ere werd hersteld. Overigens was deze St. Nicolaas actie, althans financieel
gezien, allerminst een succes. Als attractie voor het winkelend publiek had men
een z.g."klokjesspel"optouwgezet. Bij elke bestede gulden werd een gesloten
bon verstrekt, waarop een wijzerplaat stond afgebeeld. Gaf de wijzer een bepaald
uur aan, dan kreeg men een gelijk aan bedrag aan guldens uitbetaald. Deze opzet sloeg
geweldig aan: meer dan anderhalf miljoen klokjes werden uitgereikt, een aantal
waarop het bestuur allerminst had gerekend en waardoor het aantal uit te keren
guldens ver boven het geraamde bedrag steeg. Als klap op de vuurpijl kreeg de
EWV nog een proces verbaal wegens overtreding van de wet op kansspelen, waaronder,
naar het oordeel van de politie, dit klokjesspel viel.
Nog een aardig voorval
om op te halen, hoewel de EWV zich, uiteraard, niet op politiek terrein bewoog,
hebben een aantal leden, weliswaar als grap bedoeld, eens een dergelijke bijeenkomst
volledig uit de hand doen lopen. Op donderdag 23 oktober 1969 hield D'66 een openbare
vergadering in, de Witte Hinde". De partij, tot dan samenwerkend met Wageningen,
zou voortaan in Ede als zelfstandige afdeling optreden. Belangstellenden werden
opgeroepen de vergadering bij te wonen en zich als lid op te geven. Van deze uitnodiging
maakten een stel midenstanders gebruik en lieten zich inschrijven. Voor de pauze
had de bijeenkomst een normaal verloop, het Tweede Kamerlid, drs. Van der Woude,
zette de doelstellingen van de partij uiteen en beantwoordde gestelde vragen.
Na de koffie zou een afdelingsbestuur worden gekozen waarvoor reeds verschillende
gegadigden beschikbaar waren.
Maar om de zaak goed democratisch te laten verlopen,
konden ook uit de vergadering kandidaten worden gesteld. Dat was het moment waarop
de Edese zakenmensen hadden gewacht.
Zonder blikken of blozen, schoven zij
vijf man naar voren, die gezien hun meerderheid in de vergadering, ongetwijfeld
zouden worden gekozen. Onder de initiatiefnemers ontstond een reusachtig tumul,;
op deze wijze zou D'66 volkomen aan de middenstand worden overgeleverd. De debatten
volgden in alle hevigheid, maar geen mens die er iets wijzer van werd. De leider
van de bijeenkomst trachtte orde in de chaos te brengen, maar kon er moeilijk
onder uit dat elk lid, ook al was hij pas toegetreden en geaccepteerd, stemrecht
bezat.
Tenslotte vonden de stuntmakers het welletjes en trokken hun kandidaten
terug. Maar men was wel zo wijs de definitieve samenstelling van het bestuur uit
te stellen tot een volgende vergadering.
In de loop der jaren onderging
het bestuur van EWV de nodige mutaties en breidde haar werkterrein, doordat nieuwe
winkelcentra verrezen, elk met specifiek eigen belangen, steeds verder uit. De
naam werd gewijzigd in EOV, "Edese Ondernemings Ver ", waardoor duidelijker
het doel, overkoepelend orgaan voor de winkeliersver. "Ede Centrum",
Ede-Zuid", "Ede-West", "de Lindenhorst" en "Bellenstein",
naar voren springt. Wij zijn er van overtuigd dat ook het
huidige bestuur van
de EOV goede richtlijnen zal blijven geven voor een bloeiende Edese middenstand.
H.
J. Nijenhuis

