Het
Edese verzet onder leiding van Bill Wildeboer had tijdens de spannende dagen die
aan de bevrijding vooraf gingen een eigen, geheime PGEM-telefoonlijn met "de,
overkant", het geallieerde commando in het reeds bevrijde Nijmegen.
Die
telefoon stond in de woning van de familie Aartsen aan de Lunterseweg, een bolwerk
van verzet waarin ook het inlichtingenbureau van de ondergrondse zetelde. Via
die telefoon liepen later ook de contacten over de organisatie van de massale
vluchtoperatie Pegasus.
Contact, tussen enerzijds de in Ede ondergedoken Britse
officieren en de ondergrondse en anderzijds,overkant informaties, die "de
overkant" moest weten werden door PGEM-functionaris Hartman doorgeseind via
deze speciale PGEM-telefoonlijn.
Op die manier werden de geallieerden al sedert
de Slag om Arnhem in september' 44 volledig op de hoogte gehouden van wat de Duitsers
hier deden.
De Duitsers hadden er geen weet van, dat deze eigen bedrijfstelefoonlijn
van de PGEM, na het debacle van Arnhem, intact was gebleven. Het "particuliere"
telefoonnet werkte onafhankelijk van het rijksnet en de verbindingen liepen via
de sterkstroomkabels.

