Kogelvangers

Hoewel de heide afgezien van de grote hoeveelheid gras, die er thans groeit, in de loop van de
jaren weinig veranderde, is daar een echte trekpleister verdwenen, het gebied van de kogelvangers. Als vanuit het Edese bos de heide werd bereikt, zag men in noordelijke richting op grote afstand vijf grote zandheuvels, die
in pyramidevorm waren opgevangen met op de achtergrond de Mosselseweg.


Hier werd rekruten het geweerschieten bijgebracht en de kogelvangers deden dienst om de projectielen, ook al
het doel gemist werd, in het zand te doen smoren.

Door middel van rode vlaggen werd aangegeven, dat er met scherp werd geschoten en de omgeving onveilig en dus verboden terrein was. Voor elke kogelvanger bevond zich een lang, maar smal onderkomen, ongeveer vijf
meter diep, bereikbaar door een lange trap. Daarin was een verticaal draaiende mast opgesteld,
waaraan de schijven waarop geschoten werd, werden bevestigd, bediend door een paar militairen.

Serie
Na elke serie schoten draaiden deze, vanuit hun veilige schuilplaats, de mast naar beneden, controleerden het resultaat en brachten een nieuwe schijf omhoog. Bij zomerdag betekende dergelijke oefeningen voor de
soldaten een leuke bezigheid: alleen de man die aan de beurt was, kwam in actie. De rest lag languit
in de hei. De meeste inspanning voor hen vormden de heen en terugweg, want de afstand van de
infanteriekazerne bij het station naar de kogelvangers werd in marstempo, over stoffige zandwegen, gelopen.

De tegenwoordige generatie zal het weinig zeggen, maar heel veel oudere Edenaren, waaronder schrijver dezes, zullen zich de zwerftochten naar de kogelvangers ongetwijfeld nog wel herinneren. Voor ons jongeren
betekende de wandeling op een vrije woensdagmiddag een avontuur. Er was altijd wel wat te vinden, bijzondere stenen, kwatta soldaatjes op de etiketten van de chocoladerepen, lege hulzen en niet te vergeten loden knikkers.


Deze laatsten waren vooral aanwezig als door kanonnen met kartetsen, gevuld met loden kogeltjes ter grootte van een kapucijner, werd geschoten. Die loden kogels, die verspreid in deze omgeving terecht kwamen, telden,
mits gaaf en mooi rond, op school voor twee gewone glazen exemplaren.

Te glad
Meestal waren jongens van Kreel en Hindekamp ons te glad af. Zij woonden in de naaste omgeving en wisten precies wanneer de oefeningen beëindigd werden en trokken dan, gewapend met een zak, meteen de hei
op om de buit te verzamelen en, zakelijk als ze waren ingesteld, als oud lood te verkopen. Later op de middag trokken we naar de schijvenloods, opgebouwd uit zinken golfplaten, waar Gerritsen, belast met het onderhoud en
repareren van de schietschijven bezig was. De man werkte hier ver van de bewoonde wereld in alle eenzaamheid en was altijd wel voor een babbeltje te vinden mits we maar met de vingers overal van af bleven. Daar stond ook een grote gemetselde pomp, die koel helder water gaf, een pracht gelegenheid voor ons om
de dorst te lessen.
Dan volgde de lange wandeling naar huis, waar we vermoeid en hongerig aankwamen, maar wel met het besef de middag goed te hebben besteed. De kogelvangers zijn met de grond gelijk gemaakt. Voor de moderne
legeropleiding zijn ze overbodig geworden. Thans is deze omgeving bezaaid met vliegdennen en
herinnert niets meer aan de plaats, die voor velen eens het doel van een   lange heide wandeling betekende.
H.J.Nijenhuis