Hoe
paradoxaal het ook moge klinken, er zijn twee zaken waaraan Ede haar meeste bekendheid
ontleent: het garnizoen én de natuur.
Waar de aanwezigheid van militairen
tegenwoordig omstreden is vanwege de aantasting van natuurschoon, werd de hei
vroeger alleen maar geschikt geacht om onze soldaten te laten rondstruinen.
En
zonder het gebruik door het leger was de natuur misschien allang geslachtofferd
aan stedebouwkundige uitbreidingsplannen. Beide aspecten komen in deze uitgave
uitvoerig aan de orde.