Door
de jaren heen is ook in onzer gemeente voor handhaving van rust en orde politie
nodig geweest. Op dit terrein ligt nog altijd de naam van Wien, die tientallen
jaren Bennekom tot standplaats had nog vers in het geheugen. Lambertus Wien werd
op 1 april 1898 tot gemeenteveldwachter in Harskamp benoemd, maar drie jaar later,
op eigen verzoek, overgeplaatstnaar Bennekom, waar hij op 1 augustus 1905 overstapte
naar de Rijksveldwacht.
De Bennekommers leerden hem al gauw kennen als
een man, die zijn plaats als dorpsagent kende. Gemoedelijk met de mensen omgaan,
rustig een babbeltje maken, waardoor hij tevens van het doen en laten van de dorpelingen
op de hoogte bleef en niet te gauw met het bonboekje klaar hoefde te staan.
Wel
bewees zijn martiale figuur dat als puntje bij paaltje kwam met hen niet te spotten
viel.
Op hoogtijdagen, zoals tijdens de onafhankelijkheidsfeesten in 1913 verscheen
Wien in groot tenue, compleet met sabel en glanzend gepoetste helm. Daar er in
Bennekom ook nog een gemeentepolitieman was gestationeerd besteedde Wien veel
aandacht aan de stroperij, temeer daar hij als rijksveldwachterniet aan bepaalde
grenzen was gebonden.
Ook in Bennekom was stropen een geliefde bezigheid,
maar , althans in vroeger jaren, als er bij winterdag weinig te verdienen viiel,
voor sommigen bittere noodzaak. Als de stropers in het najaar de bossen in trokken,
was Wien paraat. Talrijke malen offerde hij er zijn nachtrust voor op. Hij kende
zijn pappenheimers en zij hem. In het dagelijkse leven kon er over en weer
altijd wel een groet af, maar in het veld waren zij gezworen vijanden.
Als
Wien een stroper op heterdaad betrapte, kende hij geen pardon. Onmiddellijk volgde
een proces-verbaal. Dit ging gepaard met list tegen list en soms waren de wildvangers
hem te vlug af, vooral als er pas gevallen sneeuw lag. Een gehaaid stroper
liep dan rustig een half uur lang achterwaards naar zijn strikken en had de grootste
lol, als Wien bij het ontdekken van een dergelijk spoor de verkeerde kant uitliep.
Een
drukketijd beleefde Wien tijdens de mobilisatiejaren van 1914 tot 1918, toen ook
in Bennekomde nodige militairen waren ondergebracht, die niet allemaal even braaf
en netjes bleken. Door zijn kalm maar kordaat optreden zonodig bijgestaan door
de gemeenteveldwachter, wist hij evenwel ook in die rumoerige tijden de rust en
veiligheid in het dorp te handhaven.
Diverse malen werd hem door zijn superieuren
dank en hulde gebracht voor de manier, waarop hij bepaalde moeilijke kwesties
had opgelost. Voor zijn bemoeienissen tijdens de overstromingen in het Land van
Maas en Waal, 1924 waar hij ook werd ingezet ontving Wien de watersnoodmedaille
en twee jaar later de zilver medaille verbonden aan de orde van Oranje-Nassau
voor 25 jaar trouwe dienst als rijksveldwachter.
Op 15 juli 1935 ging
Wien met pensioen. Hij zou er in zijn riante woning aan de Bennekomseweg jaren
van genieten, vaak herinneringen ophalend met Bennekom van zijn leeftijd. Lambertus
Wien heeft een lange levensavond mogen meemaken, een berichtje in de Edese
Courant maakte melding van het feit, dat op 15 juli 1960 deze oud politieman zijn
vijf en twintig jarig jubileum als gepensioneerde vierde, een feit, dat voor slechts
weinigen is weggelegd.
H.
J. Nijenhuis

