Reclame kost geld

Vrijwel elke zakenman is overtuigd van de noodzaak van tijd tot tijd de nodige reclame voor zijn bedrijf te maken. Mits goed opgesteld en steeds herhaald kan een bepaalde slagzin jarenlang in het geheugen blijven hangen, ook al is het betreffende artikel lang uit de handel. Oudere lezers herinneren zich ongetwijfeld de vooroorlogse sigarettenreclame
"Even tijd voor een caravene's" of "Blijf kalm, neem een Duskind".
Bekend was ook de slogan van een plaatselijk assurantiekantoor: "Hij kan lachen, zijn toekomst is verzekerd". Ook sommige dorpen en steden presenteerden zich op deze manier,denk maar aan:Lunteren de parel van de Veluwe.

Op dit terrein heeft zich eens een aardig voorval in het Zuiden van het land afgespeeld. De stad Bergen op Zoom had, om haar inwonertal te vermeerderen aan de rijksweg naar Goes, een groot bord geplaatst met de uitnodiging:
" Vestig U in Bergen op Zoom".
Een paar bewoners uit een naburige gemeente hadden hier aan toegevoegd: "Als er in Roosendaal geen plaats meer is", een grapje dat destijds de landelijke kranten haalden.


Een kleine dertig jaar geleden meende ook de Edese hotelhouder L. dat een beetje reclame voor zijn zaak geen kwaad kon. Dus liet hij aan de oprit van zijn restaurant een schot van anderhalf, bij vier meter zetten,waarop de aantrekkelijkheden van zijn bedrijf stonden vermeld.
Reeds enkele dagen later verscheen een agent die informeerde naar de vereiste vergunning. Daar had hij niet bij stil gestaan, waarop hij de opdracht kreeg het bord te verwijderen en alsnog toestemming bij gemeentewerken te vragen.
Mopperend dat een mens tegenwoordig op eigen grond niet mocht doen wat hij wilde werd hieraan voldaan. Na een week kwam een ambtenaar aanzetten, die in verband met de wet op ontsiering van het landschapschoon nauwkeurig de juiste te plaats van het bord wilde weten. "Laten we het er dan weer even neerzetten", opperde onze hotelhouder. Er werd hulp gehaald en weldra stond het geval opnieuw op de oude plaats. De ambtenaar bekeek de zaak aan alle kanten en vertrok met de belofte rapport aan zijn superieuren uit te zullen uitbrengen.
Helaas werd de aanvraag afgewezen, maar daar beurde de eigenaar minder zwaar aan. Hij liet het reclameobject rustig staan.
De politie had misschien wel belangrijker zaken op te knappen dan eens bij hem te controleren. Hij had echter buiten de waard gerekend. Opnieuw kwam een agent informeren en nu volgde prompt een proces-verbaal met in beslagneming van het omstreden bord. Voor de kantonrechter verklaarde L. bet volste vertrouwen in de dienstdoende ambtenaar te hebben het geen de kantonrechter waardeerde, maar dat bij gezien de afwijzende beslissing wel degelijk in overtreding bleef. Dus werd vijf en twintig gulden boete tegen hem geëist met verbeurdverklaring van het schot. Verdachte probeerde nog iets te redden. Kan ik dat schot niet terug krijgen. Er zit voor tweehonderd gulden hout aan?
De magistraat liet zich vermurwen. Voldeed aan zijn verzoek maar verhoogde de boete tot vijftig gulden.
H. J. Nijenhuis