Politieman Van de Brink

De handhaving van rust en orde in Het Park, tegenwoordig Ede-Zuid, was voor de Tweede Wereldoorlog in handen van politieagent H van de Brink. Deze man, die halverwege de Parkweg woonde regeerde hier als een soort burgemeester en was mede door zijn optreden zeer populair. Hij was van alle mogelijke zaken op de hoogte en daardoor een vraagbaak voor de buurt. Als met een waarschuwing kon worden volstaan, kwam het bonboekje niet voor de dag. In tegendeel. Van deBrink hielp wie hij kon.

Als de bekende Keesje Abo, ver boven zijn theewater, over de straat zwalkte, pakte Van de Brink de man in de kraag en bracht hem naar huis zonder dat proces-verbaal volgde.
Op bepaalde tijden werd Het Park bezocht door een zwerver, in de volksmond Barabas genaamd, die zijn kostje probeerde op te scharrelen door de verkoop van schoenveters.

Tegen de avond meldde de man zich bij Van de Brink, die hem in het arrestantenlokaal naast zijn woning opsloot. De volgende dag kreeg hij een kop thee met een paar boterhammen, waarna Barabas, dankbaar voor logies en ontbijt weer vertrok.

Maar als het nodig was, bij vechtpartijen of ongeregeldheden greep Van de Brink streng in en zorgde door de nodige bekeuringen dat de overtreders hun straf niet ontliepen.
Hij bezat zo zijn eigen manier om de twee jongens. M. Honing en A. van Bemmel, betrapt, terwijl beiden vol
overgave bezig waren voorbijgangers met stenen eieren te bekogelen.
Van de Brink greep het tweetal in de kraag en stopte hen in het arrestantenhok. Daar konden zij een uurtje over hun zonden nadenken waarna hij met zijn herdershond binnen kwam. Toen klonk het: "Pluto Pak ze", waarop het dier grommend op de dodelijk verschrikte jongens afstoof, om op het laatste moment door zijn baas te worden teruggeroepen.
Met de waarschuwing, dat hij bij een volgende overtreding de hond zijn gang zou laten gaan, konden de twee vertrekken, maar de schrik van dergelijke opvoedkundige lessen bleef jarenlang hangen. Het africhten van honden was trouwens een specialiteit van deze politieman, die medeoprichter was van de Edese Politiehonden presseer Club.


Nog een hobby van Van de Brink was de voetbalsport. Hij toonde zich een felle supporter van de Voetbalvereniging Ede. Zonder ooit bestuurslid te zijn geweest, was hij een man, die achter de schermen, onvermoeid voor de vereniging in touw was. Hij kwam bij elke wedstrijd, dienst of geen dienst, in uniform om zijn gezag te onderstrepen.


Het verhaal gaat, dat bij een thuiswedstrijd de scheidsrechter nogal in het nadeel van Ede floot. Op een gegeven ogenblik werd het Van de Brink te veel. Na deze nieuwe beslissing in het voordeel van de bezoekende vereniging stapte hij resoluut op de verblufte arbiter toe en sommeerde: Als je nog één keer tegen Ede fluit, stuur ik je vanwege mijn bevoegdheid het terrein af.
Maar omdat de bezoekers sterker waren, ging de wedstrijd toch voor de thuisclub verloren. Dit waren een paar losse notities over een politieman, die bij oudere Edenaren nog goed in het geheugen ligt, maar die in de kracht van zijn leven op trieste wijze aan zijn eind kwam. Bij het bombardement op zondagmorgen 17 september 1944 op de Parkweg werd zijn woning getroffen. Zowel Van de Brink als zijn vrouw waren op slag dood.



H. J. Nijenhuis