Misschien
dat u het wel weet: al meer dan zestig jaar bestaat de plaatselijke vereniging
de Edese Politiehonden Dresseer Club. Onlangs ontvingen we van mevrouw Harmens-Van
Beek een oude foto uit de beginjaren van deze vereniging waar verschillende,
destijds bekende Edenaren, vergezeld van hun hond staan afgebeeld. Onder hen
zelfs een vooruitstrevende dame, mevrouw Hengeveld, een familie die jarenlang
aan de Molenstraat woonde.
Na een praatje met enkele huidige bestuursleden,
onder wie secretaris Huiberts,kregen we pas een goede indruk van wat er alzo komt
kijken bij het reilen en zeilen van een dergelijke vereniging. In deze regels
willen we daarvan een en ander vertellen zonder overigens maar enigszins volledig
te kunnen zijn of voor deskundig te willen doorgaan.
De EPDC werd opgericht
15 januari 1925 met als eerste bestuur de heren H. H. P. J. Hulsman, destijds
nog inspecteur, later commissaris bij de gemeentepolitie, voorzitter, H. v.d.
Brink, vice-voorzitter, J. Wolfjes, secr.penningmeester, alsmede H. v. Beek en
G.H. Folscher. Er werd een uitvoerig en trouw bewaard gebleven reglement samengesteld
waarin rechten en plichten van de leden werden vastgesteld. Doel van de vereniging
was het africhten en opleiden van daartoe geschikte honden voor politie- en bewakingsdiensten.
Elke zaterdagmiddag werden daarvoor passende oefeningen gehouden op een terrein
nabij de "Kalverkamp" aan de Lunterseweg.
Oudere
lezers zullen zich ongetwijfeld een paar pioniers van het eerste uur, de agenten
H. v. Beek en H. v.d. Brink nog herinneren. Beide namen veelal hun hond mee op
surveillance, de eerste in de omgeving van de Doesburgerbuurt, terwijl de tweede
in het Maanderpark, thans Ede-Zuid was gestationeerd.
Niet alleen mensen uit
het politiekorps en boswachters, maar ook elke particulier die graag zijn hond
volledig onder de duim wilde houden, kon lid van de vereniging worden. Wellicht
mede daardoor veranderde in de loop der jaren de doelstelling enigszins: geleidelijk;
kwam niet langer de bewakingsdienst maar de dressuur op de voorgrond. Voor het
africhten van een hond komt heel wat kijken, waarbij het geduld van de opleider
een belangrijke rol speelt en vaak op de proef wordt
gesteld.
Het begint
gewoonlijk als de pup zes a zeven weken oud is en dus van de moeder af kan. Allereerst,
waarvoor overigens elke hondenliefhebber zich geplaatst ziet, het zindelijk
maken. Vervolgens, spelenderwijs, een betrekkelijk kleine bal toewerpen die opgehaald
en teruggebracht moet worden. Na verloop van drie a vier maanden gaat het al wat
ingewikkelder: kleine voorwerpen worden verstopt en de hond krijgt bevel deze
op te sporen. Belangrijk is vooral dat in deze periode een hechte band ontstaat
tussen hond en eigenaar waardoor zij elkaar volledig aanvoelen.
Het eerste
jaar van de opleiding moet men beschouwen als een aanloopperiode voor het behalen
van het felbegeerde certificaat "Politiehond ". Dit diploma betekent
niet alleen een grote eer en voldoening voor de eigenaar maar doet ook de waarde
van de hond sterk stijgen. De eisen daarvoor zijn echter zwaar: er bestaat een
uitgebreide lijst van oefeningen en opdrachten waaraan de hond met goed gevolg
moet voldoen. Aan de hand van een keuringsreglement waarin alle testen uitvoerig
zijn omschreven, worden de prestaties van de hond door drie keurmeesters, die
daarvoor een speciale opleiding hebben gevolgd, nauwkeurig bekeken. Deze keurmeesters
werken volgens een bepaald systeem waarbij punten van één tot
en met vijf voor elk onderdeel worden gegeven. Hierdoor wordt een totaallijst
verkregen die het
eindresultaat bepaald.
Aan de hand van ons verstrekte
gegevens willen we een paar van deze eisen nader belichten, vooropgezet dat deze
slechts een klein deel van het totale pakket uitmaken. De honden die voor gebracht
worden, moeten aan bepaalde voorwaarden voldoen o.a. kerngezond en raszuiver zijn
alsmede een dichte beharing bezitten. Voor politiehonden wordt bovendien een minimum
schouderhoogte van vijfenvijftig centimeter voorgeschreven.

Herders
De
geschikte honden voor een dergelijke opleiding zijn de herdershonden in alle mogelijke
variëteiten.
Honden die op de keuring verschijnen moeten door de eigenaar
persoonlijk worden voorgeleid. Bij de aanvang van een test wordt altijd eerst
de naam van de hond genoemd, daarna volgt het commando dat er betrekking op heeft,
bijv. "Pluto liggen". Voor deze opdracht wordt het dier naar een
plaats gebracht waar het openbare leven normaal plaatsvindt. Na het commando te
hebben gegeven verwijdert de begeleider zich uit het gezicht. Het verkeer van
voetgangers, fietsers en auto's trekt langs de hond, maar het dier moet minstens
drie minuten doodstil blijven liggen zonder op de omgeving te reageren.
Een
andere oefening die daar veel op lijkt maar zwaarder is, luidt: "Stil blijven".
De begeleider trekt met zijn hond het bos in en laat het dier op een bepaalde
plaats liggen. Twee helpers naderen de bewuste plek, doen alsof zij de grootste
ruzie hebben en over en weer vallen op luide toon de grofste scheldwoorden.
Vlak
bij de hond gekomen worden zij handgemeen, er kunnen zelfs schoten vallen maar
het dier mag niets van hun aanwezigheid laten blijken hooguit de oren spitsen.
Begrijpelijk dat hier heel wat trainingsuren in gaan zitten voor een dergelijk
resultaat bereikt kan worden.
Vervolgens komen dan de verschillende sprongen
die de hond onder de knie moet hebben, over haag, schutting of kuil. Daarbij wordt
het dier nog eens extra in de verleiding gebracht: achter haag en schutting zijn
verrukkelijke etenswaren, bijv. leverworst neergelegd. Na de sprong is de hond
uit het zicht van zijn begeleider, maar mag geen enkele interesse voor deze lekkernij
tonen maar blijft wachten op het commando:"Pluto, terug", hetgeen
dan prompt wordt uitgevoerd.
Revieren
Een prachtige maar zeer
moeilijke opdracht wordt "revieren" genaamd.
Daaronder wordt verstaan
het stelselmatig afzoeken van een bedekt terrein voor de hond, waar een bepaald
voorwerp is verborgen. Boswachters hebben daar wel eens succes mee: als een gewapende
stroper op heterdaad wordt betrapt is zijn eerste reactie er vandoor gaan,
waarbij hij zijn geweer, als meest
overtuigend bewijsstuk, van zich afgooit.
Op
commando gaat de hond allereerst achter de stroper aan, die hij in de meeste gevallen
tot staan brengt en daarna de man weinig kans voor ontsnappen geeft. Na de komst
van zijn baas neemt deze de arrestant over en beveelt: "Pluto, revieren".
De hond heeft dan al voldoende lucht van de overtreder te pakken om met succes
het
geweer op te sporen. Daar blijft het dier op zijn post en geeft door regelmatig
blaffen de plaats aan waar de boswachter hem kan vinden, waarmee de zaak rond
is.
Pakwerker
Het is in dit korte bestek uiteraard onmogelijk
op alle oefeningen in te gaan, maar we willen nog even stilstaan bij "de
pakwerker". Dat is de onmisbare man, die, gestoken in een lederen pak voor
boef of dief speelt en de agressieve aanvallen van de hond moet opvangen. Het
is geen eenvoudige baan en een grondige opleiding daarvoor is dan ook noodzakelijk.
Vaak wordt van grote afstand, soms wel vijfenzeventig meter, de hond, na een vermeende
overtreding op hem afgestuurd. Dan gaat de pakwerker pakwerker er vandoor maar
is, mede gehinderd door zijn zware kleding niet opgewassen tegen de snelheid van
de hond die hem vastgrijpt en tot staan brengt. Ondanks verwoede vluchtpogingen
van de man krijgt hij geen enkele kans, de hond houdt hem in bedwang tot zijn
baas is gearriveerd. Ook tijdens het afvoeren van de arrestant, waarbij de
hond links van hem loopt, blijft het dier uitermate waakzaam.
De uitrusting
van een pakwerker is vrij kostbaar: het geheel is gemaakt van eerste klas leer,
beslist nodig want de tanden van een aanvallende hond zijn behoorlijk scherp.
Opmerkelijk is dat zijn hoofd vrijwel onbeschermd is maar een goed afgerichte
hond zal de man nooit uit moordlust aanvallen maar bij een arm of been grijpen.
De
EPDC beschikt over vaste pakwerkers en dat was blijkbaar in de beginjaren niet
het geval. Althans in artikel drie van het reeds genoemde reglement wordt bepaald
dat elk lid, bij toerbeurt, werd verplicht als pakwerker op te treden. Wel
kon iemand die daar minder op gesteld was, zijn beurt voor twee kwartjes afkopen
welk bedrag in de verenigingskas terecht kwam.
Juist deze pakwerker is een
populaire figuur bij het publiek tijdens de vele demonstraties en wedstrijden
die de EPDC in de loop der jaren heeft georganiseerd, vooral als het leuk werd
gebracht zoals eens bij een optreden achter "De Reehorst". Langs de
rijen toeschouwers liep op haar gemak een moeder met kinderwagen . Plotseling
duikt de pakwerker op, grijpt haar handtas en gaat er met de buit vandoor .
Even
gebeurde niets, tot verwondering van het publiek. dan blijkt dat in de wagen geen
baby wordt vervoerd maar de afgerichte hond die er op commando uitspringt en
even later de dief inrekent.
Dergelijke demonstratie worden regelmatig gegeven.
heel bekend zijn de jaarlijkse nationale wedstrijden, die duizenden bezoekers
trekken. Noteert u maar vast" deze zomer worden zij op zaterdag 1 augustus
gehouden. Overigens kan men elke woensdagavond en zaterdagmiddag de leden met
hun honden in actie zien op een terrein bij boerderij Engelenhoven aan de Kernhemseweg.
De speciale aard en werkzaamheden van deze vereniging lenen zich nu eenmaal niet
voor een groot aantal
deelnemers, vandaar dat al enige tijd geleden een ledenstop
moest worden ingevoerd. Voor hen echter die het werk van de EPDC waarderen,
als donateur bent u te allen tijden welkom.
