Paasgebruiken
Het is opmerkelijk dat paasgebruikenat juist
rond het paasfeest zo vele gebruiken zijn ontstaan, die thans grotendeels zijn
verdwenen. Het begon al een week van tevoren, de zaterdag voor Palmzondag. Dan
zorgden de bakkers naast de normale produkten, ook voor een voorraad uit deeg
gebakken baantjes. Vrijwel elk kind liep dan op zondagochtend te pronken met zo'n
"haantje-pik".
Later werden, maar dan op zaterdagmiddag, ook in onze
gemeente hele optochten gehouden, waarbij de haantjes met sinaasappelen, slingers
van paaseitjes en palmtakken werden versierd. Trots liepen de kinderen, voorafgegaan
door een muziekkorps, in een lange stoet door de straten. Daarbij kon het gebeuren
dat sommige peuters de verleiding niet konden weerstaan om al lopend vast aan
hun bezit te gaan knabbelen, waardoor menig haantjes deerlijk geschonden het eindpunt
bereikte.
Eieren zoeken
Eireren hebben altijd een grote rol gespeeld
in het paasgebeuren. Al vroeg in de ochtend van de eerste paasdag werd door pa
en ma een aantal,vaak fraai gekleurde eieren op alle mogelijke plaatsen in de
tuin verstopt.
Deze waren dan afkomstig van de Paashaas en werden later, onder
veel gehol en gejoel door de kinderen gezocht. Nog algemener was het menu van
tweede paasdag,eieren eten,al of niet gepaard gaande met een schaal gekookte rijst.
Vrijwel elk gezin hield deze traditie in ere, in een grote pan werden de eieren
hard gekookt en ieder kon daaruit eten zoveel hij wilde. Dat leidde veelal tot
een onderlinge wedstrijd,waarbij prestaties van twintig of meer eieren verorberen,geen
zeldzaamheid waren. Een enkele maal werd het aantal zo hoog opgevoerd dat de volgende
dag de dokter er aan te pas moest komen.
Paasvuur
En dan niet
te vergeten ,bij het vallen van de avond op tweede paasdag het ontsteken van een
vreugdevuur,een aangelegenheid voor het hele dorp. Voor een goed paasvuur werd
eerst een lange dode boom in de grond gezet, waar omheen vele meters hoge brandstof
werd gestapeld.
In Ede werden dergelijke paasvuren op de Paasberg gehouden,maar
dat is al lang verleden tijd.Reeds in 1797 stak de buurt Ede-Veldhuizen daar een
stokje voor.
Er kwamen klachten van boseigenaren,die hun bezittingen na het
feest:men keek niet zo precies waar de brandstof vandaan werd gehaald, totaal
geplunderd aantroffen.
Toch bleef het gewoonte om op tweede paasdag stapels
verzameld afval in brand te steken. In sommige plaatsen werd de folklore van het
paasvuur in georganiseerd verband weer hersteld.
Heel bekend is het Lunterse
paasvuur geworden,nog in 1957 trok deze attractie rond de duizend toeschouwers,
die gefascineerd naar de spelende vlammen van de enorme stapel keken, terwijl
de opgeschoten jeugd meer van de dansen hield.
Tenslotte betekende tweede
paasdag, als het weer maar even meewerkte, de eerste uitgaansdag van het nieuwe
seizoen. Drommen fietsers, al of niet in clubverband, zochten dan de natuur op,
ook al
doordat deze dag in conservatieve kringen niet als een echte zondag
werd beschouwd.Die dag er op uit trekken is nu nog gewoonte, maar dan per auto,
waardoor in een uur minstens dezelfde afstand wordt afgelegd als vroeger een hele
dag fietsen.
Maar of het genot van zo'n dagje uit groter is, valt nog te betwijfelen.
H.J.Nijenhuis
 
|