
Op
de splitsing van de vroegere Otterloseweg en de Kreelseweg in Ede bevond zich
eens "Het koophuis op den hoek".
Men verkocht daar, naast alle mogelijke
huishoudelijke artikelen ook ijzerwaren en klompen.
Jarenlang heeft het echtpaar
Van Wijk deze zaak gedreven. Willem van Wijk was aanvankelijk gemeentewerkman
maar werd na zijn huwelijk met Cornelia Hendrika Harskamp, in de volksmond kortweg
Knelia, rangeerder bij de spoorwegen. De twee leefden rustig van een bescheiden
maar vast inkomen tot Van Wijk in 1938 naar Amersfoort werd overgeplaatst.
Dat
zinde Knelia allerminst. Zij was sterk aan Ede en haar familie gehecht, en dan
nu zomaar naar een stad gaan? Tot overmaat van ramp kwamen Willem en Knelia in
een rijtjeswoning terecht met vrijwel geen schop grond rond het huis. Hoe eerder
hoe liever wilden ze weer weg uit Amersfoort.
Een jaar
later zag zij haar kans. Het koophuis op den hoek werd verkocht. De eigenaar,
architect Jansen, werd het, naast zijn bouwkundige beslommeringen te veel. Knelia
droomde, zodra zij dit nieuws van familieleden hoorde, al van een eigenzaak. Hun
huwelijk was kinderloos gebleven, zodat zij aardig hadden gespaard.
Het kostte
wel moeite, maar zij wist Willem over te halen zijn baan op te geven en pand en
zaak te kopen. Na wat kleine
kleine verbeteringen en een grondige schoonmaakbeurt
werd hun zaak op 8 juli 1939 geopend. De functies werden eerlijk
verdeeld.
Willem ging over het ijzerwerk en de klompen, terwijl Knelia de afdeling huishoudelijke
artikelen voor haar rekening nam.
De loop zat er al gauw in.
Vooral van
mensen uit de omgeving van de Bunschoten en wat verder weg, uit Wekerom, waar
destijds nog geen winkel op dit
gebied was. Deze buitenmensen konden na hun
inkopen altijd rekenen op een kop koffie in de achterkamer. Zelfs stond voor
hen
op maandag tegen het middaguur na afloop van het marktbezoek een pan soep klaar,
alvorens zij naar de iets verderop gelegen bushalte trokken.
Daar werd gretig
gebruik van gemaakt en een bewoonster van de Driesprong nodigde bij wijze van
tegenprestatie het echtpaar Van Wijk eens uit op een zondag bij haar te komen
eten. Dat beviel minder goed. Na de maaltijd meende de huisvrouw: "Ikke en mijn
man gaan een uurtje plat. Jullie zorgen wel voor de afwas".
Nog
geen jaar na de opening van de zaak brak de Tweede Wereldoorlog uit en toen bleek
pas goed uit welk hout de familie Van Wijk was gesneden, Het is pas na de bevrijding
bekend geworden en zelfs de naaste buren hebben er geen weet van gehad, maar vanaf
1943 zijn in Het koophuis op de hoek vier joden, vader, moeder, zoon en dochter
verborgen geweest. Zij verbleven op de viering waar twee hangkasten als slaapplaats
dienst deden met slechts in de avonduren als de kust tenminste veilig was even
de gelegenheid om lucht te happen. Dank zij de verzorging , van het echtpaar
Van Wijk dat enorme risico's nam, heeft dit gezin er het levend afgebracht. Na afloop van de oorlog werd de zaak nog jaren op dezelfde voet voortgezet, tot
1970, toen Willem van Wijk overleed, daarna nog vijf jaar door Knelia.
Na
een leven van hard werken trok Knelia naar Het Maanderzand, waar deze altijd opgewekte
vrouw na een goede verzorging enkele jaren terug is gestorven. AI is de naam Het
koophuis op den hoek verdwenen, het goed onderhouden pand staat er nog altijd.
H.J.Nijenhuis

