Ede-Zuid een nieuw gezicht
In 1845 werd de spoorlijn Arnhem-Utrecht in gebruik genomen. Ede kreeg aan de zuidelijke kant het Station SS
en rond de eeuwwisseling werden in de buurt hiervan kazernes gebouwd en weer twintig jaar later de kunstzijdefabriek Enka. Gedrieën zijn zij de oorzaak van het ontstaan van een geheel nieuwe wijk, het "tuindorp", Ede- Zuid.
De veeloudere kern van Ede lag tot 1920 op zo'n twee kilometer afstand.
Daarna werd de leegte ertussen "opgevuld", met eengezinswoningen, lage flats en een ziekenhuis. Dertig jaar
later was het "vol". Toch is dat Zuid er een beetje bij blijven hangen, zo wordt van verschillende kanten vernomen.In n het dorp "zelf" zie je hoe mensen hun schouders ophalen, terwijl ze mompelen " oooch , Ede-Zuid " en inwoners van het tuindorp " hebben het gevoel dat hun wijk maar een stiefkind van de gemeente is.
Naast wat middenstanders, werd de wijk aanvankelijk bevolkt door werknemers van de Enka, en militairen,
die aan de overkant van de Stationsweg gelegerd waren.
Zij woonden in "De Bouw" waar allen al de woningbouwvereniging van de kunstzijdefabriek 350 woningen had neergezet. "Import en katholieken kwamen er wonen", is bij monde van menig oudere Edenaar te vernemen. "De Bouw" groeit uit tot ruim 2900 woningen. In de beginjaren '80 kwamen de eerste huizen in Maandereng van de grond en aansluitend hierop, dat zal zo rond 1991 zijn, wordt de woonwijk Rietkampen gebouwd. Dit wordt de grootste wijk van Ede.
Op zuidelijk gebied staat ook De Reehorst, het Enkazwembad en ligt het industrieterrein van de gemeente
Ede: Frankeneng. Naast Buurt en clubhuis De Meerpaal en jongerencentrum Oktopus, rijst op dit moment een
nieuwe ster op cultureel gebied: het centrum van de Stichting Welzijn Maandereng. Er is de speeltuinvereniging De Zanderij, de belangenvereniging Ede-Zuid en de huurders vereniging Ede- Zuid. Het tuindorp, dat vroeger nog al eens getypeerd werd als een "arbeidersbuurt, waar alles maar kwam wonen ", is bezig een bruisende, jonge wijk te worden, met een heel nieuw gezicht.

