De begrafenis van een Heidekoningin

Zaterdag 23 augustus a.s. zal de Heideweek 1980 geopend worden. Een feestweek die in de loop der jaren tot een begrip is uitgegroeid.
Onwillekeurig gaan onze gedachten terug naar de eerste Heideweek.
Iin het midden van de vooroorlogse crisisjaren 1935. Het initiatief daartoe kwam van VVV voorzitter en beoogde een tweeledig doel. Allereerst onze gemeente,met haar prachtige natuurgebieden,landelijk meer bekendheid te geven en daardoor een groot aantal vakantiegangers te trekken. Maar daarnaast dat deze door hun verblijf hier ,vooral de middenstand wat extra geld in het laadje zouden brengen.
Trouwens in deze magere jaren deden veel plaatsen hun best ,hetzij tijdelijk of permanent hun inwoners aantal te vergroten. Een leuk staaltje daarvan,dat de voorpagina van de kranten haalde,willen we even vermelden. Op de grens van de gem. Bergen op Zoom stond een groot bord waarop de uitnodiging:
"Vestig U in Bergen op Zoom"
Op een avond hadden een paar grapjassen uit een naburige stad, met precies hetzelfde lettertype daar een paar woorden aan toegevoegd.
Vestig U in Bergen op Zoom als in Roosendaal geen plaats meer is.


De Heideweek bleek overigens een schot in de roos,vooral de medewerking van de Edese burgers ,heus niet zo getraind in het feestvieren,overtrof de verwachtingen.
Het enthousiasme stak vrijwel iedereen aan,straten en wijken werden versierd,talrijke erebogen verrezen ,terwijl veel tuinen en ook huizen voorzien werden van verlichtingen die in de avonduren,drommen kijkers trokken. In het Maanderzand,het tegenwoordige Beatrixpark werd door amateurs een openluchtspel opgevoerd. De bezoekers toonden zich vooral opgetogen over het Bengaalse vuur dat daarbij werd aangestoken en in het witte zand ,wat fantastische effecten veroorzaakt. Het stuk zelf was voor de meesten maar bijzaak. Geld was er vrijwel niet beschikbaar maar muziek zang en sportverenigingen.,alsmede de veld artillerie met haar ruiterdemonstraties. Allen droegen geheel belangeloos bij om deze eerste Heideweek tot een grandioos succes te maken,met na afloop zowaar een batig saldo.

Die Eerste Heideweken werden steevast de laatste week van augustus gehouden,met de 31ste augustus als Koninginnedag als sluitingsdag. Ook na de oorlog werd de traditie met afwisselend succes voort gezet,tot in 1955 stagnatie voordeed en de Heidekoningin,zoals bovenstaande titel aangeeft,plechtig werd begraven.

De aanleiding daartoe lag uiteindelijk een jaar daarvoor, 1954, toen en pientere kop had uitgepuzzeld dat Ede in genoemd jaar precies 900 jaar bestond en dit feit werd het hoofd motief van de Heideweek. Uit oude bronnen had men opgediept dat in 1054 Ede werd beschouwd als een begrensde dorpsgemeenschap,iets dat gevierd moest worden.
Door deskundige zoals de destijds bekende heer Ir. v. Hoffen uit Bennekom werd deze stellingname fel bestreden. Deze wees erop dat reeds m de achtste eeuw hier mensen woonden, maar dat eerst in 1226 in officiële stukken werd vermeld dat Ede tot het kapittel van de St. Janskerk van Utrecht behoorden.

Hij probeerde de organisatoren voor een historische blunder te behoeden, maar zonder succes. De vondst was prachtig en het motto: "Ede 900 jaar" klonk zo goed, dat onder deze slagzin de Heideweek 1954 werd georganiseerd.Ter voorbereiding verschenen in de plaatselijke bladen verschillende artikelen over de historie van Ede, die in een grote optocht van ruim veertig groepen zou worden uitgebeeld maar natuurlijk geen enkel bewijs vormden voor een dergelijk groots opgezette Heideweek veel geld nodig zou zijn. Daarom werd het gemeentebestuur verzocht de subsidie die in 1953 f 1000,- had bedragen dit jaar door de bijzondere omstandigheden te verhogen tot f 8000,-. B en W kozen de gulde middenweg en wilden f 5000,- ter
beschikking stellen welk voorstel op de raadsvergadering van 10 juni 1954 met twee en twintig tegen zeven stemmen werd aangenomen. Ook in de raad werd getwijfeld aan de juistheid van dat magische getal 900,de gemeentearchivaris werd geraadpleegd,ook hij dorst er geen eed op te doen,maar het feest kon in elk geval doorgaan.

De Heidekoningin werd dat jaar wel op zeer democratische wijze gekozen. Er waren en aantal kandidaten gesteld waaruit de burgerij een keuze kon maken. Het officieel werden drie stembureaus ingericht : de M.U.L.O. school op de mark, de O.L school aan de Ganzenweide en de O.L school aan de Kerkweg. Vrijdag 9 juli 1954 kon een ieder, 's avonds tussen zes en negen uur, zijn stem uitbrengen.
Er werden 743 biljetten ingeleverd met als eindresultaat dat mevr.L Dekker-Grobben gekozen werd tot de Heidekoningin 1954 met als hofdames N, Bruil en J. Houterman.
Ede negenhonderd jaar of niet het werd van 14 tot 21 augustus een daverend feest: de grote historische optocht en een middeleeuwse jachtpartij op het landgoed Hoekelum trokken duizenden bezoekers.

In het Openluchttheater werd de operette " Victoria en haar Huzaar" opgevoerd, terwijl in de ,avonduren niet minder dan zeven boerenkapellen de straatfeesten tot een succes maakten. De deceptie kwam het volgend jaar; opnieuw grote plannen. Ditmaal zou tien jaar bevrijding centraal staan. Ook nu werd een aanvraag voor geldelijk ondersteuning ingediend die in de raadsvergadering van 19 april 1955 werd behandeld. B en W stelden voor een subsidie te verlenen gelijk aan het bedrag dat particulieren zouden bijeen brengen tot een maximum van f 10.000),-,Helaas, ditmaal ging het wat minder vlot, de tongen kwamen in beweging, Er zouden wat duistere punten zijn in de afwikkeling van. 1954 terwijl ook de begroting voor dit jaar allerminst duidelijk bleek.
Bovendien konden enkele programma onderdelen geen genade vinden in de ogen van diverse raadsleden en dienden gewijzigd te worden. Eenmaal op dreef zijnde kwamen er ook een aantal min of meer kleinzielige aanmerkingen,de meisjes van het ballet zouden bij de opening van de laatste Heideweek veel te korte rokjes hebben gedragen, terwijl het kabaal in de verschillende straten een schande werd genoemd. Enkele van de vroede vaderen gingen zo ver dat zij niet spraken over een Heideweek maar van een Heidenfeest.


Desondanks werd het voorstel van B en W met zestien tegen twaalf stemmen aangenomen mist bedoelde programma punten werden veranderd. Het bestuur van VVV vergaderde op 12 mei 1955 men was onaangenaam door de vele kritiek. gespuid door verschillende raadsleden en zag bovendien mogelijk kans op zo kort termijn het programma rnet gewenste richting aan te passen Er werd dan ook besloten voor 1955 de Heideweek te laten vervallen maar wel toeristenweek te organiseren met de schapenmarkt, demonstraties en oude ambachten,concerten en een kinderoptocht.
Al vanaf de eerste Heideweek was een stukje van de huidige Molenstraat,toen nog Grotestraat,het centrum van de straatfeesten geweest . Men kan zich de knusse straten en de bescheiden oude huize nog maar amper voor de geest halen,zo grondig is alles veranderd.

Onder leiding van Lord van Wijhe die daar samen met zijn zuster een speelgoed annex aardewerkzaak dreef……het ouwe huus genaamd ,was er elke Heideweekavond volop muziek. Er werd gehost en gedanst ,polonaise gelopen en boerenbruiloften gehouden dat het een lust was ,zonder enige wanklank met lord als gangmaker. Geen wonder dat tijdens de Heideweek de straat omgedoopt werd tot Lord van Wijhestraatje. Ook in 1955 ,zij het zonder officiële Heideweek ging hier het feest ouderwets door. De straat werd versierd en er was gewoonlijk muziek,hoewel midzomer organiseerde Lord een carnavalsavond waar ieder werd verzocht gekostumeerd te komen. Voor dit jaar zette hij zelfs een extra stunt op zijn programma,hij redeneerde als er geen
Heideweek wordt gehouden, is ook een Heidekoningin overbodig, die kon gevoeglijk begraven worden." Hij werkte dit plan uit met een aantal leden van "De Harmonie", die hem steeds belangeloos zoveel medewerking verleenden. Men besloot mej..H v, Zoelen fluitiste , en het enigste vrouwelijke lid van de Harmonie, tor Heidekoningin te bombarderen.
Voorzitter W.v Leersum vroeg haar of zij er wat voor voelde de avond van de 19e augustus voor H.M. Caluna te fungeren, zonder
haar echter van de verdere plannen op de hoogte te brengen. Een leuk idee, moeders trouwjapon werd voor de dag gehaald, een sierlijke sluier over het hoofden zo werd zij naar de woning van Wout v. Leersum aan het Heuvelspad gebracht. Daar werd zij, tot haar grote verwondering ontvangen door een aantal muzikanten, geheel in zwart gekleed, compleet rnet hoge hoed.

"Wij zullen het nou maar zeggen, 't blijft triest, maar vanavond wordt je begraven," aldus de leider van het stel.
Even later verscheen een koets van stalhouderij v.d. Weerd , waarin zij verzocht werd plaats te nemen. "Je mag op de laatste gang nog wel naar het publiek wuiven, werd haar toegevoegd. Daarna vertrok men naar de lord v. Wijhestraat waar de tocht een aanvang zou nemen. De stoet werd geformeerd; voorop lord met een aantal buren, dan een deel van "De Harmonie" en vervolgens werd de koets waar naast en achter de in het zwart gestoken muzikanten als slippendragers fungeerde.

Eerst hield lord nog een afscheidsrede: hij wees op de vergankelijkheid, ook bij Heidekoninginnen; vorig jaar nog in volle glorie, nu van het toneel verdwenen. vervolgens nam de tocht een aanvang, via Notarischerstraat en vroegere Bospoortstraat, trok men het hele dorp door met statige,langzame pas, de muzikanten in hetzelfde tempo spelend, o.a. "op de grote stille heide", ging het voorwaarts. De vele feestgangers, die eerst de long van deze optocht niet begrepen maar al gauw de humor er van in zagen, sloten zich aan en zongen in hetzelfde ritme mee. Een van die fraaie liedjes herinner ik mij nog goed. Moet er nog slaolie wezen, moet er nog slaolie zijn, twee regels die op de melodie van 't Zonnetje gaat van ons scheiden, tot in den treure herhaald
werden. Mej. v. Zoelen, fier als een echter vorstin, zal glimlachend voor het raampje, wuifde naar links en rechts en bedankte met sierlijke hoofdknikken voor al de belangstelling. Zo trok de langgerekte stoet als een vertraagde film door ons dorp om tenslotte via de Telefoonweg de markt te bereiken. Hier aangekomen werd mej. v. Zoelen naar de muziektent geleid om vandaar de duizendkoppige menigte een, speciaal voor deze gelegenheid, geschreven gedicht voor te lezen. Dat handelde over heide, die ondanks de afwezigheid van een officiële Heidekoningin ook dit jaar in volle pracht bloeide. Tevens werd de bevolking erop gewezen dit waardevolle natuurgebied te beschermen en te onderhouden. Hiermede was de plechtigheid afgelopen, de muzikanten schakelde over op de vrolijke muziek en de markt was nog urenlang het toneel van uitbundige feestvreugde.

Dit waren wat herinneringen aan vroegere Heideweken de spontane dorpsfeesten behoren helaas allang tot het verleden,maar wij hopen dat, ook in deze zo
zeer veranderde omstandigheden de Heideweek 1980 opnieuw een succes zal worden.
H.J. Nijenhuis.