De beginjaren van een ziekenfonds

Tegen het einde van de vorige eeuw deed zich ook in ons dorp de behoefte gelden een fonds te stichten teneinde minder draagkrachtigen in tijd van ziekten, financieel te kunnen bijstaan zodat niet direct naar het Armbestuur behoefden te gaan. Wel
waren de dorpsdokters over het algemeen sociaal voelende mensen die vaak vergaten om arme drommels na behandeling een rekening te sturen. hetgeen toch niet iedereen even prettig vond.
.
Helpt Elkaar
Na voorafgaande besprekingen werd op 28 december 1889 in de Openbare Lagere School aan het Maandereind een plaatselijk ziekenfonds opgericht onder de toepasselijke naam "Helpt Elkaar" .
Als eerste voorzitter fungeerde de heer Mulder in 1900 opgevolgd door mr. G. J. IJssel de Schepper. Zoals gebruikelijk in die dagen werd ook een beschermheer benoemd. de gemeentesecretaris de heer Van Nes, een erebaantje dat al spoedig is
vervallen.
De contributie werd, rekening houdend met het seizoen, voor vijf en dertig weken vastgesteld op een dubbeltje,terwijl in de resterende zeventien weken gedurende de wintermaanden als de verdiensten minder waren met een stuiver per week kon worden volstaan.
Voor het innen van de contributie werd een bode aangesteld, als eerste de heer W. Folsche.

Ziekte-controle
Men begon met ruim honderd leden, hetgeen nu niet direct zoden aan de dijk zette. temeer daar bij ziekte ook voor een deel loonderving werd verstrekt tot een bedrag van zeventig cent per dag.
Het lidmaatschap was aan een inkomensgrens gebonden maar ter wille van het goede doel traden heel wat mensen toe die gezien hun maatschappelijke positie nooit voor een fondsdokter of uitkering in aanmerking zouden komen.
Ook giften waren welkom, zo schonk Graafwelkom, Bentinck in 1904 honderd gulden, een bedrag dat dankbaar werd aanvaard.
Deze hulp was nodig. daar er weken voorkwamen waarin achttien gulden werd uitgekeerd en waar een contributie van acht gulden tegenover stond.
Geen wonder dat de controle op uitkeringen scherp was: in 1895 meldde, op maandagmorgen, zich een man ziek. maar toen bij onderzoek bleek dat hij vooraf gaande zondag wat al te veel sterke drank had genomen werd de man doodeenvoudig als lid geroyeerd.

Stabiliteit
Goed godsdienstig als Ede in die jaren was, werd dikwijls gedebatteerd of vergaderingen van het fonds niet met gebed geopend dienden te worden.
Pas in 1896 werd de knoop doorgehakt: met zes en zeventig tegen één endertig stemmen werd hiervan definitief afgezien.
De eerste fonds arts was dokter Sloos, die voor elke visite een kwartje in rekening mocht brengen, ook al geen vetpot en er was nogal wat verloop onder de doktoren.
Pas in 1902, toen dokter Weijer tot fondsarts werd aangesteld, kwam er stablliteit, deze eens zo populaire man zou deze taak zeven en dertig jaar onafgebroken vervullen.
Na de eerste wereldoorlog groeide "Helpt Elkaar" uit tot een hechte organisatie met, tot de verplichte verzekering intrad, duizenden leden, een eigen kantoorgebouwen de nodige medewerkers. Dit waren wat losse notities uit de beginjaren van een insteling, die van grote betekenis voor onze dorpsgemeenschap is geweest, maar nu is opgenomen in een groot geheel "ziekenfonds Rijnstreek", zodat zelfs de naam verloren is gegaan.