In
vroeger jaren stond aan het hoofd van de Dienst Gemeentewerken een gemeente-opzichter.
Als eerste wordt van 1876 tot 1892 in Ede de heer A. Gazenbeek vermeld, terwijl
deze functie van 1900 tot 1920 werd vervuld door de heer H. Noorman. In laatstgenoemd
jaar werd deze man opgevolgd door de heer A. Weener, die deze post ruim dertig
jaar zou bezetten, heeft gedurende deze periode grote bekendheid gekregen, reden
om hem nog eens uit de vergetelheid te halen.
Weener werd 4 juni 1885
te Hasselt geboren, belandde na zijn schooljaren in de bouwvakken, maar studeerde
in zijn vrije tijd voor opzichter bij Rijkswaterstaat. Blijkbaar met succes, want
reeds in 1904 amper negentien jaar oud was hij
reeds als uitvoerder werkzaam.
Daarmee
nog niet tevreden, zette hij zijn studie voort tot het diploma opzichter-tekenaar
B NA werd behaald. In mei 1908 trad de heer Weener in dienst van de gemeentewerken
te Arnhem, waar hij vrijwel alle rangen doorliep om per 1 augustus 1920 tot directeur
van gemeentewerken van Ede te worden benoemd.
Riolering
Men zal
van die benoeming geen spijt hebben gehad; de heer Weener was niet alleen technisch
een zeer kundig man, maar verstond door zijn beminnelijk optreden uitermate goed
de kunst om met zijn personeel van hoog tot laag, om te gaan.
Bij zijn komst
bedroeg het aantal inwoners van de gemeente Ede rond 20.000 een getal dat dertig
jaar later
bij zijn afscheid meer dan verdubbeld zou zijn. De achterstand in
woningen, opgelopen in de eerste wereldoorlog, werd ingehaald. Dat ging gepaard
met de aanleg van talrijke nieuwe wegen door de Dienst Gemeentewerken. Ook de
bouw
van openbare gebouwen, vooral scholen, viel onder de supervisie van de heer Weener.
Een
enorm karwei in de dertiger jaren vormde de aanleg van de gemeentelijke riolering,
waar eens te meer zijn inzicht bij moeilijke zaken bleek. Bij dit omvangrijke
werk moest zesmaal een spoorlijn gekruist worden. Men deed dat toen nog door een
sleuf op de vereiste diepte te graven, zij het met veel stutwerk om de rails te
ondervangen, een dure en
tijdrovende methode. De heer Weener liet een grote
vijzelboor maken, die een gat in de grond boorde voor de eerste buis ,daarna werd
weer een lengte grond weggehaald, een buis tegen de eerste geschoven, wat door
ging tot de andere kant van de spoorlijn bereikt was. Deze manier van werken heeft
de gemeente honderden guldens bespaard.
Openluchttheater
Tijdens
de beruchte vooroorlogse crisisjaren zijn nog twee grote projecten tot stand gekomen,
waarvan de heer Weener de geestelijke vader was: het openluchtbad "De Zanding"
bij Otterlo en het Openluchttheater op de Klinkenberg. Gemeentewerken is een dienst
waanneer heel wat burgers, vooral aannemers, maar ook particulieren, regelmatig
mee in aanraking komen. Zo ook in de tijd van de heer Weener, die een ieder met
raad en daad, naar vermogen, bij stond.
Hoezeer zijn optreden werd gewaardeerd,
bleek duidelijk op de twee afscheidsrecepties, gehouden op 29 en 31 december 1950.
De eerste was bestemd voor het college van Ben W, de Raad en gemeentepersoneel,
terwijl op Oudejaarsdag elke burger hem de hand kon drukken als dank voor het
vele werk dat hij voor onze gemeente had verricht.

