Weg naar Arnhem afgesloten

Niet alleen in 1985, ook in 1929 al waren verkeersmaatregelen in staat om Ede geheel en al op zijn kop te zetten. In april van dat jaar meldde de Edese Courant het schrikwekkende bericht: de weg naar Arnhem zou gedurende enige maanden worden afgesloten. Dat was, aldus Rijkswaterstaat, nodig voor het vernieuwen van de weg, die nu "oude rijksweg" heet.

Geheel Ede was in rep en roer.
Middenstanders belegden nog diezelfde maand een protestvergadering in hotel De Paasberg en de
talloze adressen werden gericht aan het college van B en W, dat het destijds wel geheel eens was
met de ondernemers. Gevreesd werd voor grote verliezen bij het toerisme, ook toen al een belang rijke inkomstenbron, terwijl busreizigers gedwongen zouden zijn om via Bennekom en Heelsum naar Arnhem te reizen, een geduchte omweg. Ander bezwaar was dat handelaren op weg naar de markt in Arnhem twee paarden moesten voorspannen, om dat de omweg steiler was.
Geen wonder dat Edes burgemeester onmiddellijk een audiƫntie aanvroeg bij de minister van verkeer en waterstaat, De Vegte. Ook de gemeenteraad liet zich niet onbetuigd. Het lid Oostwaard verzon zelfs voor de gehate minister een grafschrift: "Hier rust minister De Vegte, dat was allang geen slechte". De minister
liet prompt twee maanden niets van zich horen.

Gebeten hond was echter vooral Rijkswaterstaat, dat op eigen houtje had besloten tot afsluiten. De ambtenaren (die overigens meenden dat de afstand tussen Ede en Bennekom drie kilometer bedroeg, hetgeen
hen op menige schimpscheut in de Edese Courant kwam te staan)
kregen tenslotte hun zin. Gedurende zeven weken was de rechtstreekse verbinding tussen Ede en Arnhem niet berijdbaar voor het verkeer.
Dat nam niet weg dat de heropening van de weg, op 11 juni 1929 een waar volksfeest werd.
De hoge gasten lieten zich per bus over de nieuwe weg naar Arnhem vervoeren, gebruikten daar de lunch en keerderde in de namiddag naar Ede terug. Aan het thuisfront daverden intussen de fanfares.
Maar Ede zou Ede niet zijn als er toch niet wat te klagen was: de route die de nieuwe weg volgde,
zinde menig ondernemer niet, getuige uitspraken van het duo Thomasvaer en Pieternel aan het
begin van 1929: Heel in de verte ziet men Ede, dat is heel goed voor rust en vrede, maar voor de zaken is het
slecht.